De nu heel gebruikelijke term gotiek had aanvankelijk een negatieve klank. het komt van het Italiaanse woord 'gotico'. wat verwijst naar de 'barbaarse' Goten hier mee werd de Noord-Europese (bouw)kunst bekritiseerd.
De gotiek ontstond omstreeks 1130 in de kerkelijke bouwkunst in de omgeving van Parijs. Bouwkundige vernieuwingen, zoals ribgewelven, steunberen en luchtbogen, maakten de bouw van steeds hogere kerken mogelijk. Gesloten wanden maakten plaats voor grote glas-in-loodvensters in de bekende spitsbogen.
Beeldhouwwerken van mensfiguren maakten zich los van de architectuur en werden iets natuurlijker. Versieringsvormen uit de gotische architectuur, zoals pinakels, maaswerk, driepassen en kleine spitsbogen werden ook toegepast in meubelen, boekversieringen en (edel)smeedwerk.